Seksueel misbruik
Seksueel misbruik is meer dan alleen de opsomming van strafbare feiten.
Seksueel misbruik is elke situatie waarin iemand wordt gedwongen seksuele daden te
ondergaan of uit te voeren. Het kan hierbij gaan van subtiele vernederingen
(in de billen knijpen) tot ernstig lichamelijk geweld (verkrachting met geweld).
Het gaat dus om elke vorm van seksueel of seksueel gericht gedrag, of het nu verbaal,
non-verbaal, bewust of onbewust tot uiting komt, dat als negatief, ongewenst en
opgedrongen wordt ervaren, onafhankelijk van de situatie, ongeacht de plaats of de
tijd wanneer het zich afspeelt.
De wet bepaalt welk soort seksueel gedrag strafbaar is. Het uitgangspunt is het seksuele zelfbeschikkingsrecht. Dit betekent dat seks enkel kan plaatshebben tussen partners die een geldige toestemming kunnen geven, met de nadruk op het werkwoord kunnen. Seksuele handelingen zijn immers altijd strafbaar als ze afgedwongen zijn. De leeftijd speelt hierbij een belangrijke rol, want sommige feiten zijn alleen strafbaar wanneer er een jongere onder een bepaalde leeftijd bij betrokken is.
Behandeling van seksueel misbruik
De Nederlandse Gezondheidsraad heeft in januari 2004 een rapport gepubliceerd over het omgaan met en de behandeling van traumatische jeugdervaringen, vooral dan seksueel misbruik op jeugdige leeftijd.
Traumatische jeugdervaringen zijn belangrijke risicofactoren
Seksueel misbruik en andere traumatische ervaringen in de jeugd zijn belangrijke risicofactoren voor psychische problemen en psychopathologie bij volwassenen. Er is alle reden om in de hulpverlening alert te zijn op eventueel moeilijk bespreekbare herinneringen aan traumatische jeugdervaringen. Het is onmogelijk om op grond van een klinisch beeld conclusies te trekken over de aanwezigheid van specifieke traumatische gebeurtenissen in de voorgeschiedenis van een patiënt.
Herinneringen zijn reconstructies met een functie in het heden
Lange tijd is gedacht dat ervaringen integraal in het geheugen worden geregistreerd en als herinnering opgeslagen. Dit beeld is niet correct. Er is sprake van een meervoudig geheugen, wat wil zeggen dat de verschillende aspecten van een ervaring op verschillende plaatsen, verbonden door associaties, worden opgeslagen. Het ophalen van een herinnering impliceert altijd een reconstructie en niet een directe weergave. Deze reconstructie is gekoppeld aan de huidige situatie en wordt beïnvloed door de sociale context: die kan bepaalde herinneringen zowel stimuleren als bemoeilijken. Een herinnering kan worden beleefd als een betrouwbare en authentieke weergave van een gebeurtenis in het verleden, maar de mate waarin hij daarvan afwijkt kan aanzienlijk zijn.
Vergeten en hervinden zijn normale verschijnselen
Wat niet is opgeslagen in het geheugen, kan niet herinnerd, vergeten of hervonden worden. Als een opgeslagen herinnering moeilijk toegankelijk wordt, raakt hij vergeten. Een vergeten herinnering kan worden opgehaald als zich de juiste factoren (cues) voordoen: geheugensteuntjes of zoektermen die de juiste associaties oproepen, en als er geen processen optreden die de bewuste beleving van de opgeroepen herinnering tegengaan. Vergeten en hervinden zijn gewone, functionele verschijnselen, waarbij verschillende mechanismen een rol kunnen spelen. Belangrijke emotionele of traumatische ervaringen worden sterker opgeslagen dan gewone ervaringen. Ze worden daardoor in het algemeen goed, zij het soms fragmentarisch, herinnerd. Ook deze herinneringen kunnen geheel of gedeeltelijk - tijdelijk of context-afhankelijk - ontoegankelijk raken, en eventueel weer worden hervonden. In welke mate dat voorkomt, is niet duidelijk. Het is aangetoond dat overmatige angst en stress de geheugenfunctie sterk beïnvloeden, zowel wat betreft de codering, de opslag als het ophalen. De precieze mechanismen achter het vergeten van traumatische ervaringen bij mensen zijn niet bekend. Niet-melden, ontkennen en zelfrapportages van vergeten en hervinden zijn lastig te interpreteren
Niet-melden of ontkennen van het ervaren hebben van seksueel misbruik komt vrij geregeld voor. Dit hangt niet noodzakelijk samen met vergeten of speciale geheugenmechanismen. Als iemand rapporteert dat hij een herinnering aan een traumatische ervaring eerst is vergeten en vervolgens heeft hervonden, is de interpretatie daarvan bijzonder lastig: het is niet altijd duidelijk wat met vergeten wordt bedoeld en in hoeverre herinneringen ook werkelijk ontoegankelijk waren. Het onderscheid tussen niet vertellen, niet willen herinneren en niet kunnen herinneren is in de praktijk niet altijd scherp te maken.
Ingebeelde herinneringen komen in sommige omstandigheden méér voor
Ingebeelde herinneringen komen bij iedereen voor. Dit wordt vooral verklaard door het verwarren van de verschillende bronnen van opkomende beelden en gedachten: fantasie, voorstellingsvermogen, dromen, verhalen van anderen en eigen belevenissen. Ook kan de betekenis van een herinnering veranderen door herinterpretatie, hertaxatie of herattributie. Het blijkt ook mogelijk ingebeelde, fictieve herinneringen aan ingrijpende persoonlijke gebeurtenissen te ervaren. De kans hierop is groter dan gemiddeld bij een combinatie van bepaalde persoonlijkheidskenmerken of psychiatrische stoornissen en bij suggestieve beïnvloeding door een belangrijk persoon of vanuit een belangrijke andere bron.
Psychotherapie kan het toelaten en ophalen van herinneringen mogelijk maken
Er zijn vele redenen waarom sommige patiënten voor het eerst over bepaalde gevoelens en herinneringen praten in het kader van psychotherapie. De setting biedt, als het goed is, veiligheid en acceptatie van negatieve gevoelens van angst, agressie, ambivalentie, schuld, schaamte, wraak en ongeoorloofde lust. Deze veiligheid kan ruimte bieden om pijnlijke herinneringen onder woorden te brengen; niet zelden wordt het daarna ook mogelijk om met anderen over zo'n herinnering te praten. In psychotherapie wordt altijd gesproken over bepaalde aspecten van het functioneren van de patiënt. Dit vergemakkelijkt het ophalen van herinneringen. In therapeutische situaties kunnen zich ook bijzondere factoren (cues) voordoen, die voorheen moeilijk toegankelijke details of gebeurtenissen oproepen.
Psychotherapie stimuleert herinterpretatie van herinneringen
Vrijwel alle vormen van psychotherapie richten zich in enige mate op het veranderen van de betekenis van klachten voor de patiënt, zodat deze er minder door gehinderd wordt in het dagelijks functioneren. Deze betekenisverandering gaat gepaard met een veranderde kijk op aspecten uit de voorgeschiedenis en met een herinterpretatie van herinneringen. De nieuwe interpretatie is in de eerste plaats één waarmee de patiënt beter uit de voeten kan en is niet altijd een meer accurate weerspiegeling van de werkelijkheid. Het bespreken van het verleden is niet gericht op het vinden van de waarheid, maar op het toekennen van een betekenis aan herinneringen. Herinterpretatie van herinneringen geeft nieuwe inhoud aan de levensgeschiedenis en daarmee mogelijk aan de relatie met belangrijke personen uit die levensgeschiedenis. De gevolgen hiervan kunnen zowel positief als negatief gewaardeerd worden: de relatie kan verbeteren of afstandelijker worden en de nieuwe geschiedenis.
Suggestieve beïnvloeding van herinneringen moet vermeden worden
Een suggestieve werkwijze van de therapeut als de patiënt herinneringen ophaalt, vormt door haar sturende werking het grootste risico voor het ontstaan van fictieve herinneringen met een aan de suggestie gerelateerde inhoud. Dit speelt met name een rol als een verklaring voor klachten wordt gezocht, bijvoorbeeld in een verondersteld traumatisch verleden. Het risico is groter bij patiënten met bepaalde persoonlijkheidskenmerken en met bepaalde psychiatrische stoornissen, bij therapeuten die hun overtuiging sterk kunnen overbrengen, bij vage herinneringen en bij moeilijk verklaarbare klachten. De kans op fictieve herinneringen wordt vergroot door het gebruik van bepaalde methoden om herinneringen te stimuleren.
Een authentiek beleefde herinnering is een gegeven in therapie
Een authentiek beleefde herinnering is een gegeven in therapie, maar is niet altijd historisch juist Een authentiek beleefde herinnering wordt als 'waar' beleefd. Het gevoel van authenticiteit wordt onder meer versterkt door zintuiglijke details en begeleidende emoties. Ook fictieve herinneringen kunnen als authentiek worden beleefd en dezelfde intensiteit hebben als ware herinneringen. In therapie is het verhaal van de hulpvrager een belangrijk gegeven, maar de therapeut kan in principe niet weten of het verhaal historisch juist is, tenzij hij de historische feiten kent. Een behandelaar dient de patiënt te informeren over relevante aspecten van de voorgestelde behandeling. Vooral wanneer het bespreken van emotionele herinneringen een belangrijke rol kan gaan spelen, past hierin informatie over de functie van het bespreken van herinneringen in therapie: gericht op de huidige betekenis en niet op het vinden van de ware toedracht. Ook kan hierbij worden aangegeven dat zonder verdere concrete aanwijzingen uit herinneringen niet betrouwbaar is af te leiden wat werkelijk gebeurd is.
Therapie kan botsen met de juridische procesgang
Seksueel misbruik kan in juridische zin een onrechtmatige daad of misdrijf opleveren. In therapie opgekomen herinneringen aan een dergelijke ervaring leiden soms tot schadevergoedingsvorderingen of aangiftes bij de politie met mogelijk strafvervolging. Een herinnering, ook als hij als authentiek beleefd wordt, kan echter niet gelden als maatschappelijk of juridisch feit. Juridische waarheidsvinding is geen taak van de behandelend therapeut en een behandelaar dient zich - zowel op wetenschappelijke gronden als om redenen van beroepsethiek - te onthouden van uitspraken over de betrouwbaarheid van een verklaring van een patiënt. Bij opgekomen herinneringen aan mogelijk onrechtmatige daden en strafbare feiten, dient de behandelaar de relatie tussen therapeutische en juridische processen zo enigszins mogelijk aan de orde te stellen in zijn gesprek met de patiënt. Hij dient een patiënt niet aan te zetten tot juridische stappen en hem er op te wijzen dat therapie en rechtsspraak elkaar soms (tijdelijk) kunnen uitsluiten.
auteur/bron : Nederlandse Gezondheidsraad | verschenen op : 24-03-2004
De ingewikkelde positie van vrouwen bij seksueel misbruik Omgaan met seksueel misbruik is geen sinecure. Meestal zijn vrouwen en kinderen -slachtoffer. De positie waarin het slachtoffer zich ten overstaan van de dader bevindt, zeker als het om incest gaat, is er vaak een van vertrouwen. Met het misbruik naar buiten treden of er met een derde over praten is daarom niet altijd even gemakkelijk.Angst haalt in die omstandigheden vaak de bovenhand en doet slachtoffers ertoe besluiten te zwijgen. Slachtoffers die wél durven praten kunnen beroep doen op slachtofferonthaal en hulpverlening. Moeders van incestslachtoffers kunnen daar ook terecht maar hebben veelal drempelvrees of voelen zich niet begrepen door de hulpverleners. Zij gaan er bovendien niet altijd onvoorwaardelijk van uit dat zij verantwoordelijk zijn voor het gedrag van -in vele gevallen- hun (ex-)partner en kunnen daarom niet altijd op het begrip van de reguliere hulpverleningsinitiatieven rekenen. De Gentse Andrea De Jong richtte dertien jaar geleden de vzw Moeders tegen incest op. Zij neemt het op voor moeders van kinderen die seksueel misbruikt worden, en werden, omdat zij ervaart dat moeders vaak op onbegrip van hun omgeving stuiten. De buitenwereld schildert hen in vele gevallen af als medeplichtigen, die de dader een hand boven het hoofd hielden of minstens, al was het in stilte, hun medewerking verleenden bij het stellen van de daden.Wet op de bescherming van de integriteit van kinderen Sinds februari 2000 werd er in de grondwet een recht op bescherming van de integriteit van kinderen opgenomen. Daardoor krijgen rechters en advocaten meer armslag om kinderen te betrekken in een procedure, wanneer het bijvoorbeeld om het omgangsrecht van de dader van een incestzaak gaat. Het belang van het kind primeert dan. "Vaak zitten vrouwen van daders van seksueel misbruik in een moeilijke positie" stelt Griet De Cuypere, arts en specialiste inzake incestproblematiek aan het Universitair Ziekenhuis Gent. "Vraag is of ze mee verantwoordelijk zijn voor het gedrag van hun echtgenoot of partner wanneer die hun kinderen misbruikte. Sommige vrouwen vinden van niet. Ze willen zich niet verantwoordelijk voelen voor wat er gebeurde. Alles hangt af van de definitie die men aan incest geeft. Maar ik vind het in ieder geval een goede zaak dat vrouwen zich verenigen met betrekking tot deze problematiek. Het is goed dat het onderwerp incest aan bod komt en dat de rol van de vrouw als partner en/of als slachtoffer met een gedeelde verantwoordelijkheid wordt opengetrokken. Maar we mogen niet d'office stellen dat àlle moeders van incestslachtoffers zélf slachtoffer zijn."Seksueel misbruik is strafbaar Het gaat om fysieke en psychische uitbuiting van de integriteit van een persoon door een ander persoon. Vaak betreft het een derde uit de vertrouwelijke omgeving van het slachtoffer. Het gaat meestal om mannelijke daders. Een onderzoek naar daders van seksueel misbruik aan de Universiteit van Gent bracht aan het licht dat op 850 daders er maar 30 van het vrouwelijke geslacht waren. De moeders die zich verenigen in de vzw Moeders tegen incest doen dat vooral omdat zij steun zoeken. Voor hen gaat het om het verlies van vertrouwen in een persoon met wie ze een nauwe band hadden. Op het moment dat ze beslissingen zouden moeten nemen zijn ze daar niet altijd toe in staat. Ze verkeren in de opperste verwarring. Ook moeten ze opboksen tegen vooroordelen die voortspruiten uit de verwachtingen die aan de moederrol worden gekoppeld.Andrea De Jong zegt dat de daders-echtgenoten-partners in alle lagen van de bevolking te vinden zijn en bijna altijd hun daden minimaliseren. Zij zijn meester in het charmeren en het afschuiven van de verantwoordelijkheid. Zij krijgen bovendien op alle vlakken hulp aangeboden terwijl moeders van incestslachtoffers vaak in de kou blijven staan. Moeders tegen incest vzw wil daarom vooral een luisterend oor bieden aan vrouwen die niet meer weten hoe het nu verder moet en hoe ze hun kind kunnen helpen. Ze kunnen bij de vereniging ook terecht om hun verwarde gevoelens te uiten, uit te huilen zonder zich te hoeven schamen en hun schuldgevoelens uit te drukken. Wanneer deze vrouwen keuzes moeten maken, en hun ingewikkelde positie hen dat niet makkelijk maakt, kan Moeders tegen incest hen de aandacht schenken die ze elders niet kunnen krijgen.
Moeders tegen incest Andrea De Jong Kristalstraat 1 9000 Gent Tel: 09 329 01 81
Strafbaar seksueel gedrag
Aanranding van de eerbaarheid:
Als er geen sprake is van penetratie, spreekt men over aanranding van de eerbaarheid. Tegen de wil betast worden, gedwongen worden porno te bekijken of toe te kijken op seksuele activiteiten van anderen zijn maar een paar voorbeelden.
Als een van de betrokkenen 15 of jonger is, veronderstelt de rechter altijd dwang, ook al heeft de minderjarige ingestemd. De wet gaat ervan uit dat iemand die nog geen 16 is, niet rijp genoeg is om te oordelen of hij of zij seksuele omgang wil. Vanaf 16 jaar hebben jongeren seksueel zelfbeschikkingsrecht.
Verkrachting:
Strafbare seksuele handelingen worden onderverdeeld in seksuele handelingen met en zonder penetratie. Als er sprake is van penetratie spreekt men van verkrachting. Met penetratie wordt bedoeld: het binnendringen in de vagina, mond of anus met penis, vingers of een voorwerp.
Ongewenst seksueel gedrag op het werk:
Onder deze definitie wordt verstaan elke vorm van (non-)verbaal of lichamelijk gedrag van seksuele aard waarbij diegene die zich er schuldig aan maakt, weet of zou moeten weten dat het afbreuk doet aan de waardigheid van de mannen of vrouwen op het werk.
Incest:
Seksueel contact tussen een minderjarige en een bloedverwant in opgaande lijn is incest en dus
strafbaar. De leeftijdsgrens wordt hier opgetrokken tot 18 jaar en dwang speelt hierbij geen rol. Er is
steeds sprake van een misdrijf.
Met familie bedoelt men ouders, grootouders of overgrootouders, adoptanten, broers en zussen of personen
die een soortgelijke positie hebben in het gezin zoals stiefouders, -broers of -zussen. Ook personen
die occasioneel met de minderjarige samenwonen en er gezag over hebben, vallen onder deze wetgeving.
Gedwongen prostitutie:
Ontucht wordt omschreven als ’liederlijke en onzedelijke handelingen die van elke vergoeding onafhankelijk zijn‘ en prostitutie als ’bezoldigde ontucht‘. Hij die de ontucht, het bederf of de prostitutie van een minderjarige opwekt, begunstigt of vergemakkelijkt, wordt bestraft. Hoe jonger het slachtoffer, hoe zwaarder de strafmaat. Hiermee wil men vooral kinderhandel en seksuele uitbuiting van minderjarigen en jongeren tegengaan.