Pesten

Getuigenis

Hilde (42):'Mijn dochter wordt al jaren gepest.'
Acht kilo viel Bieke af, denkend dat ze dan minder in de kijker zou lopen. Maar het pesten ging gewoon door. "Wij hebben letterlijk en figuurlijk alles in huis om ons enig kind van een goede opvoeding en een onbezorgde kindertijd te laten genieten. Maar genieten doet Bieke zelden of nooit: ze is altijd op haar hoede, ze heeft donkere kringen onder haar ogen van het piekeren, ze kan ook agressief uit de hoek komen als reactie op de strijd tegen haar kwelduivels die nu al drie jaar duurt. Bieke is nu negen, ze zit in het vierde leerjaar en in die klas zitten ook twee pestkoppen, die haar dagelijks op school het leven zuur maken. De school grijpt niet in en voert nog steeds geen pestbeleid zoals veel andere scholen doen. Haar twee juffen met een duobaan zijn wel van goede wil, maar op het gebied van pesten helemaal niet ervaren. Ze doen hun best, maar er verandert weinig. Ze zeggen bijvoorbeeld tegen Bieke dat ze het zich allemaal niet zo moet aantrekken, maar wie ervaring heeft met echt gemeen pestgedrag, weet dat dat een advies is waar je niets aan hebt. Toch is onze dochter beslist geen doetje of een zielig kind, integendeel. Ze is heel mondig, eerlijk en oprecht. Maar ze is ook een perfectionist die strikt en rechtlijnig denkt en weinig ruimte heeft voor fantasie. Als kleuter was ze zelfs een haantje-de-voorste in de klas. In het eerste leerjaar kwam ze in conflict met Tanja, een kind dat thuis heeft geleerd dat communiceren betekent dat je er desnoods maar op los moet slaan, als je maar overwicht hebt. Ze koos Bieke als slachtoffer uit voor haar plagerijen en pestgedrag. De meester van de eerste klas ging daar op een heel goede manier mee om. Hij greep in als kinderen te ver gingen, ook in het pestgedrag. In de tweede klas kreeg Tanja versterking van een nieuweling, een meisje met precies dezelfde opvoeding. Ik heb ondertussen alles gelezen wat er over pesten geschreven is en ik ben zeker eens met de vaststelling, dat pesters vaak onzekere kinderen met faalangst en een laag zelfbeeld zijn, die steun bij elkaar zoeken. De andere kinderen in de klas van achttien waar Bieke nu inzit, zijn zo bang voor die twee aanvoerders, dat ze uit angst liever partij kiezen voor hen, dan voor Bieke. Die heeft geen enkel vriendinnetje, wordt zelden uitgenodigd op een verjaardagsfeestje, is bijna altijd alleen. Het kind werd hiervan zo depressief, dat ze als achtjarige zei: "Mama, ik wil niet meer leven".
Haar hobby is zwemmen, maar de invloed van de pesters strekt zich ook tot daar uit. Kinderen willen vaak niet met haar spelen of zelfs niet naast haar zitten. Ze houden afstand van haar met als gevolg dat ik mijn dochter met de dag zie vereenzamen. Laatst is het zelfs tot fysiek geweld gekomen en is Bieke van de trappen geduwd op school. Het breekt soms mijn hart hoe ze lijdt onder het pesten zelf en we niet in staat zijn om er een halt aan toe te roepen. Gelukkig kan ze met mij alles bespreken wat in haar omgaat, maar een vriendinnetje vervangen, dat kan ik niet. In haar poging om bij de groep te horen is erg ver gegaan. Ze werd vanwege haar molligheid vaak uitgescholden voor 'dikke olifant' en 'tientonner' en toen bedacht ze dat ze misschien wel vrienden zou krijgen als ze slanker was. Ze gaf me te kennen dat ze wilde afvallen. Nu stond ik daar wel achter, maar ik heb Bieke toch goed duidelijk gemaakt dat ik van haar hield zoals ze is, en dat ze mollig ook net zo mooi is. Met behulp van de huisarts is ze echter in korte tijd acht kilo afgevallen. Met een ongelooflijke wilskracht heeft ze zich alles ontzegd wat ze lekker vond, en dat vond ik bewonderenswaardig en eng tegelijkertijd. Veel volwassenen zeiden tegen Bieke dat ze er zo goed uitzag, wat haar wel eens zou kunnen laten denken dat ze inderdaad vroeger niet goed of mooi was. Ik weet dat zoiets de aanzet tot anorexia kan zijn, zeker bij zulke perfectionistische kinderen als Bieke.
Ze was dan wel slanker, het pesten hield niet op. Het zijn vaak kleine futiliteiten, maar de aanvoerster Tanja is zo geraffineerd dat ze zich er altijd uit weet te liegen. Ik hoorde laatst dat haar broertje op dezelfde school ook zulke moeilijkheden veroorzaakt. Hij dreigde een tijdje geleden zelfs Bieke te "vermoorden", als ze nog ruzie durfde maken.
Bieke is inmiddels in therapie bij onze huisarts, een jonge vrouw die haar aan het praten krijgt over wat er in haar omgaat, om er op objectieve en een verwerkende manier mee om te leren gaan. Ik hoop dat het op de lange duur zal helpen om haar van littekens te vrijwaren.
Er wordt me vaak gevraagd waarom ik geen andere school voor mijn dochter zoek. Het zou inderdaad een oplossing kunnen zijn om alle oude patronen eens te doorbreken, en ik heb het ook serieus overwogen. Maar het moet ook de beslissing van mijn dochter zijn, zij moet de stap willen zetten. Ik stel er mijn hoop op dat de wegen van Bieke en Tanja zullen scheiden als ze naar het middelbaar onderwijs gaan, maar er is ondertussen dan al zoveel kapot gemaakt. Ik zie mijn dochter steeds stiller en teruggetrokkener worden, ze zit slecht in haar vel en ze heeft vaak geen fut of energie voor dingen, die zo normaal zouden zijn op haar leeftijd.
Ik heb ten einde raad hulp gezocht bij een Nederlandse zelfhulpgroep op Internet, want als ouder van een gepeste sta je er volkomen alleen voor. In deze groep bevinden zich gepesten en ouders van gepesten en samen delen we onze ervaringen en proberen oplossingen te zoeken, actie te ondernemen, alles wat maar mogelijk is om de strijd aan te binden tegen het pesten. Je hele energie kruipt in het onderwerp pesten, je bent er dag en nacht mee bezig, want het is verschrikkelijk om mijn vrolijke, levenslustige dochter van weleer steeds meer te zien veranderen in een eenzaam kasplantje. Ik zal alles in het werk stellen om daar verandering in te brengen.

De varkenspest op school:

http://www.klasse.be/archieven/archieven.taf?actie=detail&nr=806
Klasse voor Ouders 8, april 1997, p 4-5

Pestkoppen: zonder vrienden

Wie pest, voelt zich meestal stoer. En dat maakt indruk op de klasgenoten. Pestkoppen willen vooral aandacht en hun zin krijgen. Sommigen hebben niet eens door dat ze iemand anders pijn doen of verdrietig maken. Pestgedrag begint rond de leeftijd van tien jaar en zou moeten verdwijnen na 14-15. Wie daarna nog pest, heeft wellicht ook andere gedragsproblemen. Pestkoppen blijven dikwijls zonder vrienden achter.

Vaak weten ouders van pestkoppen niet eens dat hun kind een pestkop is. Toch kunnen ze het pestgedrag verhelpen of zelfs voorkomen. Zelf het goede voorbeeld geven bijvoorbeeld. Ook ouders pesten soms: agressie in het verkeer, roddelen enz.

Laura (40):

«Mijn dochter werd uitgesloten, gepest. Ik weet niet waar het allemaal is begonnen. Sara heeft littekens van brandwonden. Misschien is het dat wel. En Sara zei niks. Ze durfde niet. Op een dag was ze zo lang aan haar huistaak bezig dat ik ging kijken. Al haar papieren zaten los. Ik vroeg haar «Sara, hoe komt het dat je papieren los zitten?» Toen bleek dat klasgenoten op haar kaften hadden getrapt tot ze kapot waren. Dan pas heeft ze me willen vertellen wat er aan de hand was op school. Zo hebben we er stilletjesaan iets kunnen aan doen. Ze heeft intussen zelfs een spreekbeurt gehouden over haar brandwonden. In de hoop dat het pesten daarmee zou ophouden. Maar zo simpel is dat niet.»

Kinderen durven meestal thuis niet zeggen dat ze worden gepest op school. Toch zenden ze dan signalen uit, die ouders kunnen herkennen. Als een kind plots niet graag meer naar school gaat, niet meer uitgenodigd wordt op feestjes of om te gaan spelen, er ongelukkig uitziet, dan is er iets aan de hand. Vraag ernaar. Neem contact op met de school als het inderdaad om pesten gaat.

Slachtoffers: iedereen

Er zijn geen speciale redenen waarom iemand wordt gepest. Het is niet omdat uw kind rood haar, een brilletje of een beugel heeft dat hij het slachtoffer van pesten zal worden. Het zijn de pestkoppen die beslissen wie ze kiezen als slachtoffer. Het uiterlijk is nooit de oorzaak, misschien wel de aanleiding. De gemakkelijkste slachtoffers zijn natuurlijk de kinderen die zich makkelijk laten doen. Maar verder is het voldoende anders te zijn. En dat is iedereen wel.

Ouders kunnen hun kinderen helpen door ze op te voeden tot weerbaarheid. Zodat ze kunnen opkomen voor zichzelf. Niet in de zin van: «Laat je niet doen, hé», maar zo dat ze met zelfvertrouwen kunnen opkomen voor zichzelf. Als een kind bovendien voelt dat het met zijn ouders over alles kan praten, zullen zij een pestprobleem vlugger ontdekken.

Bea (38):

«Kristien had veel vrienden in de klas. Ze was een spontaan kind. Toen moest ze een jaar blijven zitten. Geen probleem, dachten we. Maar alles veranderde. Ze werd buitengesloten door haar nieuwe klasgenootjes. Plots wou ze niet meer naar school. «Ik vind het niet prettig op school.» Ik geloofde het niet toen ze kloeg over pesterijen. Zo erg zou het allemaal wel niet zijn. Op het oudercontact wou de leraar mij spreken. Mijn dochter werd gepest. Ze hebben het probleem aangepakt op school, maar het lukt niet. Heel even leek alles beter te gaan, en nu is het opnieuw begonnen.»

De oplossing voor pesten ligt nooit dichtbij. Het is een lang proces. Vaak denken ouders dat het zal over gaan als ze er met iemand van de school over praten. Maar dat is slechts een begin. Ook de gevolgen blijven meestal lang voelbaar. Het gepeste kind heeft het lastig om zich weer rustig te voelen, om zijn zelfvertrouwen terug te krijgen. Dat vergt tijd.

Meelopers: het publiek

Heel wat kinderen kijken toe als er wordt gepest. Misschien doen ze zelfs mee. Zonder meelopers zijn er geen pestkoppen, want die hebben dan geen publiek meer. Meestal weten die meelopers wel dat het fout is wat er gebeurt. Maar ze zijn bang om het te gaan vertellen. Want dan zijn ze klikspaan. Ze blijven vaak lang met een schuldgevoel zitten.

Ouders kunnen hun kinderen duidelijk maken dat wie pesten signaleert geen klikspaan is. Dat ze niet alleen zullen staan als ze durven zeggen dat het niet langer kan. Het is rechtvaardig en eerlijk, het is een bewijs van verdraagzaamheid. Pesten is niet goed te praten.

Bert (42):

«Het spontane was eraf bij Steven. Hij werd moeilijker van karakter. Ik had al lang vermoedens dat er op school wat scheelde. Zijn oudere broer wist dat hij op school werd gepest. Maar Steven wou het zelf oplossen. Er kwam geweld bij te pas, vechten op de speelplaats. Allen tegen een. Uiteindelijk zijn er toch enkele leerlingen geweest die vonden dat het niet meer kon. Die hebben het de leraar verteld. Dan is de bom gebarsten. De leraar heeft het probleem grondig aangepakt en nu, twee jaar later, lijkt alles eindelijk opgelost.»

Een pestprobleem aanpakken kan niet zonder de samenwerking van ouders, kind, school, eventueel CLB. Samen kunnen ze er iets aan doen. Maar het blijft een geduldwerk, waarbij alle betrokkenen zich moeten blijven inzetten.

Wat kunnen ouders doen?

In Vlaanderen meldt 23% van de leerlingen in het basisonderwijs regelmatig of vaker slachtoffer te zijn van pesterijen. In het secundair onderwijs nog 15 %. 16 % van de leerlingen uit het basisonderwijs pest regelmatig of vaker andere leerlingen. In het secundair onderwijs is dat nog 12 procent. Dat bleek uit een onderzoek dat de Universiteit Gent deed bij 10 000 leerlingen tussen de 10 en 16 jaar. Pesten en gepest worden neemt dus duidelijk af met de leeftijd. Maar voor een grote groep kinderen is het de pijnlijke realiteit van elke dag.

Als uw kind komt vertellen over pesten, neem het dan ernstig. Als u merkt dat uw kind stiller en banger wordt, een plotse afkeer van de school gaat vertonen waar dat vroeger niet het geval was, praat er dan mee.

Samen sterk