Verenigde Naties: De Rechten van het Kind
Kinderen moeten beschermd worden. Ze moeten hun mening kunnen zeggen.
Ze moeten goed kunnen leven. Kortom, ze hebben rechten. Daar is iedereen het over
eens. Maar die rechten van kinderen worden dikwijls geschonden. Niet alleen in arme
landen, maar ook in rijke landen. Ook in ons land.
In de Verenigde Naties (VN) zitten bijna alle landen van de wereld.
Op 20 november 1989 keurde de VN het 'Verdrag over de Rechten van het Kind' goed.
Landen die het verdrag tekenen, moeten respect hebben voor de rechten van het kind.
België tekende het verdrag op 16 december 1991. Al meer dan 150 landen deden dat
ook al. Dat wil niet zeggen dat kinderen geen ellende meer kennen. Er is nog veel
werk te doen.
Hieronder staan de belangrijkste rechten van het kind.
Een kind is een persoon
-
Wie nog geen 18 jaar is, is een kind. Tenzij in de wet van een land daarover
iets anders staat.
-
Elk kind heeft recht op een naam. Het heeft het recht burger te zijn van een
land.
- Elk kind heeft recht op een gelukkige kindertijd.
- Elk kind heeft het recht op een mening over zaken die het kind aangaan. Een
kind moet zijn stem kunnen laten horen.
Groot worden
- Elk kind heeft recht op een goed leven. Elk kind moet kunnen overleven en
groot worden. Een kind heeft recht op voldoende eten en drinken.
- Elk kind heeft recht op een goede gezondheid en op verzorging. Het land moet
daarvoor zorgen.
- Ouders moeten ervoor zorgen dat hun kinderen het goed hebben zodat ze gelukkig
opgroeien. Elk kind heeft recht op een goede woning, kleding,... Regeringen
moeten de ouders daarbij zoveel mogelijk helpen.
Leren en spelen
- Elk kind heeft recht op onderwijs. Zo kan het zichzelf ontwikkelen. Zo kan het
ook leren wat het nodig heeft in het latere leven.
- Elk kind heeft recht op vrije tijd en ontspanning. Het moet kunnen spelen en
kunnen fantaseren.
- Elk kind heeft recht op informatie die het kan begrijpen. Zo kan het zich een
eigen mening vormen. Zo kan het ook de gewoonten van zijn land en van andere
landen leren kennen.
Gezin en familie
- Elk kind heeft recht op een gezin of een familie waarin het kan opgroeien.
Een kind mag alleen gescheiden worden van zijn ouders, als dat het best is
voor het kind.
- Elk kind heeft recht op bescherming tegen geweld. Een land moet kinderen
beschermen tegen mishandeling en seksueel misbruik binnen de familie. Een land
moet ook voorkomen dat kinderen ontvoerd of verkocht worden.
- Een kind dat zijn ouders of familie verliest, heeft recht op bescherming en
hulp van de overheid. Bij adoptie of plaatsing in een tehuis of bij
pleegouders, moet het belang van het kind voorop staan.
Alle kinderen zijn gelijk
- Geen enkel kind mag uitgesloten worden. Een land moet zorgen dat alle kinderen
gelijk behandeld worden. Van welk ras, godsdienst of afkomst ze ook zijn.
- Een kind met een handicap heeft recht op een zinvol leven. Het heeft ook recht
op verzorging en hulp.
- Elk kind heeft het recht zijn eigen taal te spreken en zijn godsdienst te
beleven. Andere gebruiken en gewoonten mogen niet voor uitsluiting zorgen.
Misbruik en uitbuiting
- Elk kind heeft recht op bescherming tegen seksueel misbruik. Seksuele
uitbuiting is een gruwelijke vorm van geweld tegen het lichaam en de geest van
een kind. De overheid moet dat voorkomen.
- Elk kind heeft recht op bescherming tegen uitbuiting door arbeid.
- Werk mag nooit ten koste gaan van hun schooltijd. Werk mag nooit hun
gezondheid schaden. Landen moeten een leeftijd bepalen waarop kinderen met
werk mogen beginnen.
- Een land moet maatregelen nemen om kinderen te beschermen tegen het gebruik
van drugs.
Oorlog en geweld
- Elk kind heeft recht op extra bescherming in geval van oorlog. Kinderen jonger
dan 15 jaar mogen geen soldaat worden. Kinderen die slachtoffer zijn van
geweld en oorlog hebben recht op bijzondere zorg.
- Een land moet zorgen dat kinderen niet zomaar opgesloten worden. Kinderen
mogen ook niet gemarteld worden. Ze mogen ook niet op een wrede manier
behandeld worden. Personen onder de 18 jaar mogen de doodstraf niet krijgen.
- Elk kind dat vlucht voor geweld of oorlog, heeft recht op bescherming.
Ook als het kind zonder ouders in een vreemd land wil blijven. Dat land moet
dan proberen om de ouders terug te vinden.
Binnen de Integale Jeugdzorg worden nog een aantal rechten van het kind gewaarborgd:
- recht op jeugdhulp
- recht op instemming met en vrije keuze van de buitengerechtelijke jeugdhulp
- recht op informatie en communicatie
- recht op respect voor het gezinsleven
- recht op een dossier
- recht op inspraak en participatie
- recht op bijstand
- recht op privacy
- recht op een menswaardig bestaan
- klachtrecht
terug